CHEMISCHE INDUSTRIE OP WEG NAAR KLIMAATNEUTRAAL EN CIRCULAIR

Verduurzaming staat als thema in de chemische industrie met stip op nummer één, stelt Manon Bloemer, directeur van branchevereniging VNCI. ‘Naast veiligheid natuurlijk, veiligheid is nooit af en drijft ons nog elke dag. Maar het zwaartepunt van onze uitdaging ligt beslist op een duurzame toekomst. Opschaling van elektrificatie, groene waterstof, hergebruik van CO2 én inzet van nieuwe grondstoffen zijn hierbij voor mij het meest urgent.’

De chemische industrie is bezig met een transitie die zijn weerga niet kent. Maar die is nog niet altijd even zichtbaar, en al helemaal niet terug te zien in de publieke opinie. Directeur van belangenvereniging VNCI Manon Bloemer pleit voor meer trots binnen de sector. ‘Er is werk aan de winkel wat betreft ons imago. Ja, we waren onderdeel van het klimaatprobleem. Maar nu zijn we onderdeel van de oplossing! Dat moeten we echt beter gaan uitdragen.’

Oplossen klimaatprobleem

Hoe de industrie dan precies bijdraagt aan het oplossen van het klimaatprobleem? Bloemer: ‘Wat veel mensen vanzelfsprekend vinden, is de beschikbaarheid van goede medicijnen, een mobiele telefoon, een laptop. Allemaal producten die er zonder de grondstoffen uit de chemische industrie niet zouden zijn. Bovendien kan een groot deel van de nieuwe technologische oplossingen die gaan helpen bij de bestrijding van het klimaatprobleem, niet bestaan zonder de chemie. Wat dacht je van synthetische, duurzame brandstoffen voor auto’s en vliegtuigen, batterijen, windmolenwieken, zonnepanelen? Die komen voor een belangrijk deel uit ónze fabrieken. We zullen ervoor moeten zorgen dat de chemische industrie een duurzame toekomst heeft, op basis van nieuwe grondstoffen en nieuwe energiebronnen.’

‘Er is werk aan de winkel wat betreft ons imago. Ja, we waren onderdeel van het klimaatprobleem. Maar nu zijn we onderdeel van de oplossing’

Update van de route

De weg daarnaartoe wordt steeds duidelijker. Een paar jaar geleden onderzocht de VNCI hoe de sector 49% CO2-reductie in 2030 zou kunnen bereiken. Daarbij kwamen verschillende methoden voorbij: bijvoorbeeld inzet van groene waterstof, elektrificatie en CO2-afvang en -opslag. ‘Afgelopen jaar vonden we het tijd voor een update’, vervolgt Bloemer, ‘en gezien de aangescherpte klimaatdoelen was de tijd er ook rijp voor. Die update maakten we in de vorm van ons rapport “Van routekaart naar realiteit”. Het rapport toont de weg die de sector gaat afleggen om in 2050 klimaatneutraal en circulair te zijn.’

Recycling en biogrondstoffen

Nieuwe elementen daarin zijn vooral recycling en de inzet van biogrondstoffen. Bloemer: ‘Voor mijzelf was het een eyeopener dat wij ons in de afgelopen jaren veel hebben gericht op wat ik maar even noem: “wat er uit de schoorsteen komt” en minder op de producten zelf. Daarmee bedoel ik dat we in de reductie van CO2-uitstoot zeker wel iets te winnen hebben met vermindering van de uitstoot van onze fabrieken. Maar we moeten daarnaast veel meer inzetten op alternatieve koolstofbronnen. Daarbij gaat het om recycling van gebruikte producten, aangevuld met nieuwe grondstoffen die we halen uit duurzame biomassa. Bijvoorbeeld de circulaire verpakkingen zoals de flesjes van Coca-Cola of ijsbekers van Magnum.’

Opschaling

Naast de nieuwe elementen in het bereiken van een klimaatneutrale en circulaire productie, vindt Bloemer dat we vooral bestaande en bewezen technieken moeten inzetten – maar dan op veel grotere schaal. ‘Duurzaam geproduceerde waterstof, elektrificatie en CO2-afvang, -opslag en -hergebruik zijn sleuteltechnologieën hierin’, zegt zij. ‘Waarbij omzetting van CO2 naar een bruikbare grondstof de heilige graal is. Op zich is het bewijs dat dat mogelijk is, wel geleverd. Maar dat is op laboratoriumschaal. Het gaat mij nu vooral om opschaling en het rendabel maken. Groene waterstof – in de hoeveelheden die we nodig hebben – is er nog niet. Grootschalige opslag van CO2 evenmin; om maar te zwijgen van hergebruik van CO2. Een paar grote bedrijven werken aan een elektrisch kraakfornuis, voor hogetemperatuurwarmte, maar het is er nog niet. Er zijn projecten genoeg, maar hoe krijgen we het nou van pilot via demo naar commerciële schaal? Daar hebben we de overheid bij nodig. Voor de juiste regelgeving én om met subsidies de onrendabele fase te overbruggen.’

Een enorme klus

De doelen van 2050 liggen volgens Bloemer binnen handbereik, maar er zijn ook struikelblokken. Naast vergunningprocedures die lang duren en subsidieregelingen van de overheid die nog niet altijd goed werken, noemt Bloemer de arbeidsmarkt als serieus knelpunt. ‘Hoe komen we aan de juiste mensen om deze grote transitie door te voeren? We hebben niet alleen ingenieurs nodig, we hebben ook heel veel monteurs nodig, die de fabrieken daadwerkelijk kunnen ombouwen. Maar het aantal mensen dat kiest voor een loopbaan in de techniek of de chemie is te laag. We zullen ons verhaal dus beter moeten vertellen. Je kunt in onze sector een heel goed salaris verdienen en je doet betekenisvol werk. Je zorgt er namelijk voor dat allerlei alledaagse producten veel duurzamer geproduceerd gaan worden. Laat ik trouwens niet vergeten dat we ook contractors als Bilfinger hier heel erg hard bij nodig hebben. Voor contractors komt er een mooie periode aan; vrijwel geen enkele fabriek zal hetzelfde blijven. Er komt nieuwe infrastructuur, de grondstoffen veranderen, de energiekant en de uitstoot verandert. Het wordt een enorme klus.’

Video: Transitie als kans

VNCI

De Koninklijke Vereniging van de Nederlandse Chemische Industrie (VNCI) is de brancheorganisatie voor de chemische industrie in Nederland. In de chemische industrie werken 46.000 medewerkers bij 390 bedrijven. Deze bedrijven zijn belangrijk voor veel andere industrieën. Wij verbinden deze bedrijven met de samenleving, met de overheid en met elkaar. De vereniging werd op 17 mei 1918 opgericht. 

Printen